ademruimte

Ik zit in de tuin, in het zonnetje. Een klein beetje wind zorgt ervoor dat het niet te warm is. De natuur haalt diep adem, het is lente! Eindelijk. Geen kou, wind, regen (in ieder geval even niet wanneer ik dit schrijf…). Niet meer donker en binnen zitten. Maar ruimte, om bij te komen van de winter voordat het straks zomer wordt. Ademruimte. Dat woord schoot door mijn hoofd, zo’n mooi woord eigenlijk. Een pauze, even tijd en ruimte om te ademen, om gewoon te zijn.

Straks gaat alles groeien, staat de tuin vol met bloemen, groenten en fruit. Dan moet er ook hard gewerkt worden, maar daar heb ik nu nog even geen fut voor. Ik zou nu ook een hoop kunnen doen in de tuin, en heb al wel wat klusjes gedaan. Maar aangezien ik nu weinig energie heb probeer ik toch ook echt om het te laten voor wat het is. Dan maar onkruid. En hoewel het moeilijk is om het te laten, en dit ook voor stress zorgt, geeft het wanneer het wél lukt een gevoel van ruimte.

daslook, een echte bode van de lente!

Uiteindelijk is ruimte voelen namelijk iets dat je zelf moet doen. Iemand kan het je wel geven, maar als je die ruimte niet inneemt dan verandert er niks. Heel mijn leven worstel ik al met hoe ik mij voel: onrust, spanning, negatieve gedachten, depressieve gevoelens. Ik praat er liever niet over, maar het is er wel. Ik heb mindfulness en yoga lessen gevolgd, stapels zelfhulpboeken gekocht, jarenlang trouw de Flow en de Happinez gelezen, therapie gevolgd. Het gaf mooie inzichten, maar er veranderde niet veel. Uiteindelijk kreeg ik in 2021 de diagnose autisme. Dit gaf in eerste instantie wat rust en zorgde met de jaren ook voor meer begrip van en voor hoe ik in elkaar steek. Maar ik bleef bezig met mijn zoektocht naar verbetering: nog meer boeken, therapieën, retreats, ademwerk, spiegelen met de hond. En dat is zeker niet verkeerd, het heeft ook echt veel geholpen allemaal om meer uit mijn hoofd te gaan en dichter bij mijn gevoel te komen en minder onrust te voelen. Maar ik merk wel dat er een valkuil is. Namelijk niet accepteren hoe ik mij voel, niet accepteren dat ik niet kan wat ik allemaal zou willen kunnen. Dat betekent blijven zoeken en blijven ‘vechten’. Dat kost veel energie. Gek genoeg zorgt het vooruit willen gaan er juist voor dat ik blijf hangen. Vanuit spanning kan je namelijk niet bewegen, alleen vanuit ontspanning. Zomaar een van de vele mooie inzichten die mijn zoektocht wél hebben opgeleverd. Nu nog er naar handelen…

bosbaden 🙂

In mijn wens om te groeien en verbeteren ben ik een paar jaar na mijn diagnose ook weer gaan werken, om vervolgens twee jaar geleden wéér uit te vallen. Waarna ik weer ben gaan proberen te reïntegreren. Met beperkt resultaat helaas. En nog steeds zijn mijn hoofd en lijf moe. Is mijn zenuwstelsel nog altijd overbelast. Steeds meer een ‘hip’ thema trouwens, waarover je een jaar of 10 geleden weinig las maar het internet staat er vol mee nu. Door mijn autisme is mijn zenuwstelsel al extra gevoelig, door tientallen jaren mijn best te doen om mee te draaien in de maatschappij om mij heen is mijn systeem totaal uit balans geraakt. En de jaren die ik thuis zat door mijn burn-outs zijn niet genoeg geweest om mijn zenuwstelsel weer te ‘resetten’. Dus dan is er weinig nodig om weer in stress-modus te schieten. Een vicieuze cirkel. Ik heb nu besloten om te stoppen met proberen. Besloten om niet meer te proberen te gaan werken. Niet meer proberen me beter te voelen zodat ik meer kan. Ik wil alleen nog maar oefenen met voelen wat ik nodig heb en dat voor mijzelf te doen. Niet met een doel voor ogen, maar gewoon om te zijn. Nouja, zo gewoon is dat niet 🙂 het is super moeilijk. We zullen zien, stap voor stap. Ruimte maken. Ademruimte.

Het is een heel persoonlijk verhaal geworden, dankjewel voor het lezen. Misschien helpt dit ook weer een ander, dat zou mooi zijn.

Liefs, Meike

Plaats een reactie